13 minuten leestijd (2533 woorden)
Aanbevolen 

TMV op zoek naar de ziel, deel 20, Racing Mechelen naar Diest: "I'm in a shithole, I wanna go home"

IMG_8619 De periodetitel is binnen voor Racing Mechelen

DIEST/MECHELEN| In deze rubriek gaan we telkens, soms via een omweg, op één of andere manier op zoek naar 'de ziel' van het voetbal. Deze keer reizen we af naar het mooie Vlaanderen, naar Diest om preciezer te zijn. De reden dat we deze bestemming kozen had echter meer te maken met de bezoekende partij van deze dag: het in cultsupporterskringen vrij vermaarde Racing Mechelen.

Door: Willy Rooyakkers

Op deze tweede zondag van november staat namelijk een belangrijk duel op de rol. In de derde afdeling van Voetbal Vlaanderen, qua Belgische voetbalpiramide het vijfde niveau, nemen de nummer één (Diest) en twee (Racing) het in een rechtstreekse confrontatie met elkaar op. Als Racing Mechelen wint pakt men de eerste periode, bij ieder ander resultaat mag Koninklijke Football Club Diest het ticket voor de nacompetitie reeds in de herfst gaan claimen.

Bovenstaande sportieve beslommeringen zijn echter niet de reden van onze trip naar Vlaams Brabant. Het gaat ons vooral om de fans van Racing Mechelen omdat die enige faam vergaard hebben binnen diehard supporterskringen in Nederland. Zo schijnen ze bevriend te zijn met de harde kernen van Feyenoord en FC Dordrecht terwijl ze ook op het vijfde niveau in België steevast met honderden tegelijk meereizen naar wedstrijden 'op verplaatsing'.

Ik word vergezeld door goede vriend Gertjan die in zijn vrije tijd zichzelf tot de kern van trouwe FC Dordt-fans mag rekenen. "Je moet een keer meegaan naar Racing Mechelen man", had hij me al vaker gezegd. "Ga dan aanstaande zondag mee. Ze spelen in Diest en als ze winnen pakken ze de periode. Dat wordt een geweldige sfeer, de Racing-fans zijn geweldig."

Garer?

De navigatie stuurt ons via Valkenswaard, Houthalen en Hasselt richting het historische stadje Diest. Eenmaal daar ontwaren we al snel het Warande Stadion. We parkeren de auto rechts van de weg bij een molen. Alles staat al vol dus ik gok maar dat deze wat onorthodoxe vrije ruimte, helemaal vooraan maar toch opengelaten, geen reden zal zijn voor een gegarandeerde boete. Ik vraag aan een oudere voorbijganger, voor de zekerheid, of ik hier mag staan. De man verstaat alleen Frans….als hij echter doorkrijgt dat ik wil weten of ik op die plek mag staan begint hij hard te lachen. "Garer??". Het armgebaar wat vervolgens volgt stelt mij behoorlijk gerust. Het maakt kennelijk niets uit waar je de bolide neerzet rondom het stadion.

Risicowedstrijd

We steken de weg over en zijn bij het Warande Stadion. Wie in de jaren'70 en '80 graag eens naar een voetbalstadion ging, door gewoon op het laatste moment een kaartje te kopen voor de staantribune, komt hier behoorlijk aan zijn trekken. Dit stadion, de hele atmosfeer, doet denken aan het De Vliert, De Goffert, De Meer, Beatrixstraat of Oosterpark van drie of vier decennia terug. Héérlijk. We zien meteen dat er nogal wat politie op de been is. Gertjan: "Ja, man, dit is een risicowedstrijd. Lachen toch? Moet je je voorstellen dat in Nederland een wedstrijd in de hoofdklasse een risicowedstrijd is. Haha. Daarom kom ik zo graag in België, hier leeft voetbal op een lager niveau nog ouderwets."

We bevinden ons dan al tussen drommen van mensen met groen-witte dassen, jassen en mutsen. Gertjan wordt van alle kanten aangesproken door Nederlanders, veelal FC Dordrecht-fans, die ook naar Diest zijn gekomen. De sfeer zit er in Dordt al twee dagen goed in want de structurele laagvlieger van de KKD heeft op vrijdag reeds van NAC gewonnen. In Dordtse kringen niet meer of minder dan een legendarische zege.

"Waarom staan we hier eigenlijk allemaal stil?", vraag ik me in stilte af. In de verte zie ik een klein bruin tafeltje waar twee mensen kaartjes staan te verkopen. Dus gewoon buiten, onder de tribune. Het geld leggen ze in een plastic bakje. Twee meter daarvoor staat een andere man met groene lintjes te zwaaien. Als je hem een QR-code showt krijg je zo'n bandje mee en mag je jezelf de rest van de middag vrij in- en rondom het Warande Stadion begeven.

De eerste spreekkoren worden aangeheven. "Racing, Racing……" . Overigens uitgesproken als een Nederlandse a. Het doet echter allemaal toch erg Engels aan. We zien moeders, vaders, opa's, oma's, kinderen en hooliganachtige types door elkaar heen. Allemaal in het groenwit gestoken.

Een QR-code, twaalf euro (in ruil voor een ouderwets scheurkaartje) en een knipoog van een 72-jarige mevrouw verder zijn we er klaar voor. We mogen de ouderwetse betonnen trappen op, richting de binnenkant van het Warande Stadion. Een complex dat gebouwd is in 1947 en officieel een capaciteit van 8.000 toeschouwers bezit. Illustere namen als Timmy Simons, de broertjes Versavel, Eddy Voordeckers en John de Bever maakten hier eerder furore maar de eens zo trotse eerste klasser zakte later af naar een steeds bedenkelijker niveau.

Eenmaal 'binnen' sluiten we aan de bij de groenwitten op de lange staantribune. "Volgens mij zijn we wel met een mannetje of duizend", merk ik verbaasd op. Een soort topclubwaardig uitvak en dat dan op veredeld amateurniveau. Aan de andere kant van het veld staat een grote zittribune, hier hebben de enkele honderden fans van de thuisclub plaatsgenomen. "You're shit and you know you are", is de leus waarmee de Racing-fans zich deze middag introduceren terwijl ze naar de andere kant van 'het plein' wijzen. Achter de doelen zijn er geen tribunes, wel ligt er een professionele atletiekbaan rondom het speelveld. "Qua afmetingen één van de grootste van Vlaanderen", had een vriendelijke steward me een half uur eerder al trots gezegd. "Come on yoy Boysssss in Greeeeeeeen", scanderen de uitgelaten Racingers als de helden het veld opkomen. "Het lijkt hier wel Blundell Park, of we in Cleethorpes zijn", merk ik op. Opvallend is ook het geluidsvolume dat de aanhangers uit Mechelen weten te scanderen. Indrukwekkend.

"Hey Frank", Gertjan ontwaart nog een FC Dordt-fan. Frank, samen met een maatje aan komen rijden, is vrijdag al in Dordrecht geweest en zaterdag bezocht hij MSV Duisburg. "Ik wil de strijd om de periodetitel hier echter niet missen", zegt hij met een groundhopper-achtige mindset. "Frank schreef dat stukje voor ons over het voetbal in Praag", zegt Gertjan. Frank: "Straks speelt Westerlo ook nog thuis." Dat zijn de échte, bedenk ik mezelf terwijl ik me afvraag hoe lang ik deze waterige herfstkoude ga trotseren.

Thosflootter

De wedstrijd begint en meteen wordt duidelijk dat het een enerverend potje gaat worden. Beide teams smijten meteen volle bak met de krachten waarbij Diest een wat meer defensieve houding aanneemt dan het door de uitzinnige fans vooruit geschreeuwde Racing. Al gauw heeft de scheidsrechter het bij ze gedaan. "Thosfloottter!!!", roept een over the top fanatieke Mechelaar naast mij. :"Die-e hi thos niks te vertellen….heyyyyyyyyyyyy….wadoedde nou."

Het wordt me al snel duidelijk dat de gemiddelde Racing-supporter zich nogal snel benadeeld voelt, een soort van calimero-complex dat na vele decennia van bittere tegenslagen diep geworteld zit in de genen. Zelfs de ergste schwalbes van Racing-spelers worden gevolgd door woedende reacties als de man in zwart hiervoor weigert te fluiten.

Ik kijk even goed naar beide teams. Het valt op dat zowel Diest als Racing in het bezit is van een stevige, in het geval van Racing zelfs naar corpulentie neigende, ultra-bonkige centrumspits en dat de verdedigers hier nog echt alleen hoeven tegen te houden. Eenmaal aan de bal kunnen ze eigenlijk zo goed als niets. Kennelijk denkt Diest-trainer Eddy Bokken dat de Mechelse rechtsback Wout Kerkhofs op dat vlak zelfs nog minder is dan zijn collega's want hij wordt constant vrijgelaten in de opbouw. Of ja, opbouw, de ballen worden eigenlijk lukraak naar voren geknald en er komt er dus amper eentje van aan bij een medespeler.

Maar het moet gezegd: als Racing dan toch op de helft van de tegenstander aan de bal weet te komen dan laat men zien wel degelijk over goede voetballers te beschikken. Vooral tussen de linies, achter de voorhoede, tikt men dan ineens balletjes behendig door en wordt er geprobeerd snel te combineren. Yannick Put is dan ook een balvaste middenvelder en hangende spits Gregory Carrez lijkt mij persoonlijk op een te laag niveau actief. Carrez is technisch sterk, werkt hard, kan een bal bij zich houden en verschijnt tegelijkertijd op plekken waar een spits moet zijn die graag een goal wil maken. Zo staat Carrez aan het einde van een flitsende Mechelse aanval maar glijdt hij de scherpe eindpass net tegen de buitenkant van de paal.

Broertjes Stankov

Ondanks de wat meer afwachtende houding wordt ook Diest gevaarlijk. Opvallend is dat men telkens over rechts doorkomt terwijl aan de andere kant met Charle Jaspers ook een leuk voetballertje rondloopt. Het moet gezegd dat echter ook nummer tien Dylan Goulding, een bij Roda JC opgeleide Nederlander, hangend vanaf rechts eveneens wat indruk maakt. Goulding is sterk aan de bal en heeft de nodige technische bagage. Maar uiteindelijk zijn het vooral de broertjes Aleksander en Antonio Stankov welke het meeste opvallen. Beide Noord-Macedoniërs hebben reeds een waslijst aan clubs in binnen- en buitenland versleten en zijn nu kennelijk in de krochten van het Vlaamse voetbal neergestreken. Ik vraag me af waar deze mannen van betaald worden. "Dat zal meevallen hoor", lacht Dordt-fan Frank, "Ze hebben volgens mij thuis in (nederlands) Limburg nog een handeltje in allerlei zaken. Ik denk niet dat ze hier de hoofdprijs verdienen."

"Ik meen toch dat ze overdag trainen", vult Gertjan aan. Hoe dan ook verdeelt de ene Stankov het spel vanaf het centrale middenveld en moet zijn broer de voorzetten, komend vanaf de zijkanten, centraal voor het doel afwerken. "Weet je dat die ene Stankov bij Dordt speelde? Hij maakte drie eigen doelpunten achter elkaar."

Een vrije trap van Alex Matuta, volgens de Mechelse fans uiteraard onterecht gegeven, teistert ondertussen de kruising waarna even later Goulding van dichtbij eigenlijk moet scoren. Toch is het Racing dat de betere ploeg is en op basis van de aanvallende spelopvatting meer verdient dan de uiteindelijke 0-0 ruststand. "Hieronder is een kleine kantine waar je bier en fris kunt halen", weet Frank. Als we naar beneden lopen zien we veel groenwitten gebruik maken van een natuurlijk toilet. Voor de kantine staat een lange rij. In de verte staan twee mensen te tappen en een derde nerveus plastic bekers uitdelen met inhoud. "Pinten tappen kunnen ze hier ook al niet", roept iemand in onvervalst Mechels. "In dit tempo zitten we tijdens de tweede helft bottuh."

Dat 'bottuh' wil zeggen dat ze denken de tribunes niet meer op tijd te kunnen bereiken.

Uiteindelijk komt alles goed en zijn we er weer bij als de bal opnieuw rolt op de hobbelige groene mat. Het wordt langzamerhand een slijtageslag en de gemoederen lopen hoog op. "I'm in a shithole, I wanna go home", sarren de gastenfans op de melodie van Sloop John B.

Opgewonden standje Dave de Herdt, trainer van Racing, krijgt ondertussen een gele kaart van de scheidsrechter. De Herdt, hij lijkt me iemand met een weinig kalmerende uitwerking op zijn spelers, steekt vervolgens een middelvinger op naar de zittribune waarop hij ineens een rode kaart voor zijn neus krijgt geshowd. Het tafereel werkt op onze lachspieren. "Zie je de wisselspelers", zegt Gertjan, "Die zitten gewoon in korte broek. Haha. En die trainer, wat een figuur. Lachen man, dit is cult."

De keeper van Diest, door de fans van Racing steevast uitgemaakt voor vliegenvanger, heeft dan al een botsing gehad met aanvaller Carrez. De man in zwart laat geheel terecht doorspelen maar het zorgt weer voor de nodige tumult. Na ruim een uur spelen krijgt Racing Mechelen een vrije trap te nemen aan de rechterkant van het veld. Het is Carrez die voorzet waarna eerdergenoemde 'bonkige spits' Kurt Weuts bij de eerste paal weet binnen te koppen: 0-1.

Feest

Het uitvak explodeert, gaat helemaal los. Mensen hangen in de hekken, vuurwerk wordt ontstoken en omhelzingen volgen. Racing Mechelen is ineens virtueel periodekampioen. De man naast mij wordt bijna emotioneel. "Kaa Vee (KV Mechelen) is tegenwoordig de grootste maar Racing is nog steeds dé club van 't stad. Zij zijn de katholieken, wij de vrijzinnigen. We hebben zoveel meegemaakt, altijd maar weer geldzorgen." Met licht overslaande stem wijst hij naar zijn uitgelaten medefans: "Ziet! We leven nog ….."

Uiteraard hoort hij dat we uit Nederland komen. Lachend: "Weet je dat ik één dag in mijn leven voor Ajax ben geweest? Dat was toen Kaa Vee tegen ze speelde in de finale van de Europa Cup."

Grappig is dat de fans van Racing onder meer het "Hand in hand kameraden", van Feyenoord zingen. "Is gewoon een liedje dat ze leuk vinden, zo hebben wel meer van andere teams overgenomen. Zoals ook dat een Mechelaar altijd blijft zingen", weet Gertjan.

Even is er wat opwinding, het gerucht gaat dat er buiten het stadion enkele lokale vechtersbazen de fans van Racing staan op te wachten. "Een paar mannekes met de middelvinger omhoog, das niks", komt een verkenner even later de gemoederen alweer sussen.

Vlak voor tijd teistert Jordie Briels, afkomstig van TOP Oss, de lat namens Diest. Enkele fans uit Mechelen zitten dan al op de rand van een opkomend hartaanval. Even later is daar dan het verlossende eindsignaal en mag Racing zich periodekampioen noemen. Wat volgt is een indrukwekkend feestje, recht voor onze neus. De spelers en begeleiding komen allemaal naar 'onze tribune' en gaan samen met de fans helemaal los. Verschillende keren wordt er tot stilte gemaand en zingen spelers en helemaal door het dolle heen zijnde trainer De Herdt de supporters voor. Alles bij elkaar vormt het hele tafereel een geweldig pandemonium…..een waardige afsluiting van een heerlijke ouderwetse voetbalmiddag.

Kaa Vee is gewaarschuwd. Racing komt eraan. 

Lege stadions, zalen en sportparken. Terecht of af...
“Samen met ‘onze Wil’ een club trainen zou geweldi...

Related Posts

 

By accepting you will be accessing a service provided by a third-party external to https://www.tismarvoetbal.nl/

Colofon

Tismarvoetbal is een uitgave van Janus Media / SwipeSport

Redactie: Willy Rooyakkers (eindredactie), Kees van der Zandt

Medewerkers: Paul Brugmans (PFF), Gert-jan Kuipers (PFF)